• Munten & Penningen

LSch.827-10 ct 1948 proefslag ni vdB 20_a WHC_2213LSch.827-10 ct 1948 proefslag ni vdB 20_r WHC_2212
LSch.827-10 ct 1948 proefslag ni vdB 20_a WHC_2213LSch.827-10 ct 1948 proefslag ni vdB 20_r WHC_2212

10 Cent ontwerp 1948 – LSch.827 (-)


Voorzijde:

Nieuw ouder hoofd naar links WILHELMINA KONINGIN DER NEDERLANDEN ·

Keerzijde:

Gekroonde waardeaanduiding tussen jaartal. De munttekens van gewijzigde tekening staan aan de juiste kant maar zijn hoger en dichter bij de waarde-aanduiding geplaatst, links: mmt. grote vis, rechts: mt. grote mercuriusstaf.

Bijzonderheid:

De tekening is iets grover dan de proef van 1947, de cijfers en letters zijn iets dikker. Dit ontwerp werd door Prof. Wenckebach eveneens afgekeurd.

Navigeer het tab menu voor meer informatie ↓

LSch:
827
Sch:
-
Jaartal:
1948
Materiaal:
nikkel
Streefgewicht:
1.5 g
Diameter:
15 mm
Rand:
Kartelrand
Muntteken:
mercuriusstaf
Muntmeesterteken:
vis
Medailleur:
Prof. L.O. Wenckebach
Zeldzaamheid:
R4
Collectie:
Collectie Coenen

10 Cent, algemene omschrijving
Zilvergehalte 640/1000; netto/bruto gewicht 0.896/1.400 g

Type I A: Hangend haar. Medailleur W.J. Schammer. Mt. mercuriusstaf, Mmt. hellebaard

Type I B: Hangend haar’ als type I A maar iets breder hoofd

Type II A: Kroningstype. Medailleur J.P.M. Menger. Mt. mercuriusstaf, Mmt. hellebaard

Type II B: Kroningstype. Medailleur J.C. Wienecke. Mt. mercuriusstaf, Mmt. hellebaard. Groter hoofd van gewijzigde tekening, het omschrift eindigt bij de hals. De keerzijde iets gewijzigd, smallere cijfers en letters

Type II C: ‘Kroningstype’ met kleiner hoofd. Het omschrift loopt door onder de hals. Geen punt na het jaartal. mmt. hellebaard

Type III A: ‘Hermelijnen mantel’. Medailleur J.C. Wienecke. Mt. mercuriusstaf, Mmt. zeepaard. Een interessant artikel over het ontstaan van de beeldenaar met de Hermelijnen mantel kunt u lezen in het JMP 1987: Een vorstin in Hermelijn door Ir. F. Sevenhuijsen / Ir. J.A. Sevenhuijsen

Type III B: ‘Hermelijnen Mantel’ als type III A maar met gewijzigde keerzijdestempel, smallere eikenkrans enz

Type IV A: ‘Ouder hoofd’ . Medailleur J.C. Wienecke. Mt. mercuriusstaf, Mmt. zeepaard

Type IV B: ‘Ouder hoofd’ als type IV A maar met Mmt. druiventros

Type IV C: ‘Ouder hoofd’ als type IV A met iets gewijzigde tekening. P(hiladelphia) en eikel in plaats van het mt. en mmt. Geslagen in Amerika tijdens de bezetting (WW II), bestemd voor gebruik in Nederland.

Type IV D: Ouder hoofd als type IV A van iets gewijzigde tekening. P(hiladelphia) en palmboom in plaats van het mt. en mmt. Geslagen in Amerika tijdens de bezetting (WW II), bestemd voor gebruik in Curaçao en Suriname.

Type IV E: Ouder hoofd als type IV A van iets gewijzigde tekening. S(an Francisco) en eikel in plaats van het mt. en mmt. Geslagen in Amerika tijdens de bezetting (WW II), bestemd voor gebruik in Nederland.

Type IV F: Ouder hoofd als type IV A van iets gewijzigde tekening. D(enver) en eikel in plaats van het mt. en mmt. Geslagen in Amerika tijdens de bezetting (WW II), bestemd voor gebruik in Nederland.

Type V: 10 Cent zink tijdens de Duitse bezetting 1940-1945 in Nederland geslagen. Mt. mercuriusstaf, zonder Mmt.
(Zie voor 10 cent zink 1941 met afbeelding Driekruinenboom onder de rubriek 10 cent Ontwerpen).

Type VI: 10 Cent nikkel. Ouder hoofd van gewijzigde tekening. Medailleur Prof. L.O. Wenkebach, Mt. mercuriusstaf, Mmt. vis. Nikkel 990/1000 Ø 15 mm 1,500 g