• Munten & Penningen

LSch.736-25 ct 1891_aLSch.736-25 ct 1891_rLSch.736a-25 cent 1891 AE-HNM-05787aLSch.736a-25 cent 1891 AE-HNM-05787b
LSch.736-25 ct 1891_aLSch.736-25 ct 1891_rLSch.736a-25 cent 1891 AE-HNM-05787aLSch.736a-25 cent 1891 AE-HNM-05787b

25 Cent 1891 – LSch.736 (846a)


Voorzijde:

Jong hoofd met een iets openstaande mond, loshangend haar en parelsnoer naar links, waaronder merkteken van de graveur. Omschrift: WILHELMINA KONINGIN DER NEDERLANDEN

Keerzijde:

Binnen twee samengebonden eikentakken de waardeaanduiding 25 / CENTS / 1891.

Variant:

LSch.736a (846b): Afslag in brons. Collectie NNC & Collectie Coenen. R4

Navigeer het tab menu voor meer informatie ↓

Koningin Wilhelmina

10 Gulden of Gouden Tientje
5 Gulden of Gouden Vijfje
Gouden Dukaat
2½ Gulden of Rijksdaalder
2½ Gulden ontwerpen
1 Gulden
1 Gulden ontwerpen
½ Gulden
25 Cent
25 Cent 1891 – LSch.736 (846a)
25 Cent 1892 – LSch.737 (847)
25 Cent 1893 – LSch.738 (848)
25 Cent 1894 – LSch.739 (849)
25 Cent 1895 – LSch.740 (850)
25 Cent 1896 – LSch.741 (851)
25 Cent 1897 – LSch.742 (852)
25 Cent 1898 – LSch.743 (853)
25 Cent 1901 type II A– LSch.744 (854)
25 Cent 1901 Type II B – LSch.745 (854bis)
25 Cent 1902 – LSch.746 (855)
25 Cent 1903 – LSch.747 (856)
25 Cent 1904 – LSch.748 (857)
25 Cent 1905 – LSch.749 (858)
25 Cent 1906 – LSch.750 (859)
25 Cent 1910 – LSch.751 (860)
25 Cent 1911 – LSch.752 (861)
25 Cent 1912 – LSch.753 (862)
25 Cent 1913 – LSch.754 (863)
25 Cent 1914 – LSch.755 (864)
25 Cent 1915 – LSch.756 (865)
25 Cent 1916 – LSch.757 (866)
25 Cent 1917 – LSch.758 (867)
25 Cent 1918 – LSch.759 (868)
25 Cent 1919 – LSch.760 (869)
25 Cent 1925 – LSch.761 (870)
25 Cent 1926 – LSch.762 (871)
25 Cent 1928 – LSch.763 (872)
25 Cent 1939 – LSch.764 (873)
25 Cent 1940 – LSch.765 (874)
25 Cent 1941 – LSch.766 (875)
25 Cent 1943Pe– LSch.767 (1056a)
25 Cent 1944Pe– LSch.768 (1057)
25 Cent 1945Pe– LSch.769 (1058)
25 Cent 1941Pp– LSch.770 (1280)
25 Cent 1943Pp– LSch.771 (1281)
25 Cent 1941 zink– LSch.772 (1028)
25 Cent 1942 zink– LSch.773 (1029)
25 Cent 1943 zink– LSch.774 (1030)
25 Cent 1948 – LSch.775 (1074)
10 Cent

Bataafse Republiek

Lodewijk Napoleon

Napoleon I

Koning Willem I

Koning Willem II

Koning Willem III

Koningin Wilhelmina

Concordance

Historische overzichten

Wetten en besluiten

Munttekens en Muntmeestertekens

Ontstaan van het Handboek

Gebruikte termen en symbolen

Informatie over nummering

LSch:
736
Sch:
846a
Jaartal:
1891
Materiaal:
Zilver
Gehalte:
640/1000
Streefgewicht:
3.515 g
Diameter:
19.47 mm
Rand:
kartelrand
Muntteken:
mercuriusstaf
Muntmeesterteken:
hellebaard
Medailleur:
W.J. Schammer
Slagaantal:
Enkel 2 proefslagen vervaardigd
Zeldzaamheid:
R4
Collectie:
Collectie NNC en collectie Coenen

Koningin Wilhelmina

10 Gulden of Gouden Tientje
5 Gulden of Gouden Vijfje
Gouden Dukaat
2½ Gulden of Rijksdaalder
2½ Gulden ontwerpen
1 Gulden
1 Gulden ontwerpen
½ Gulden
25 Cent
25 Cent 1891 – LSch.736 (846a)
25 Cent 1892 – LSch.737 (847)
25 Cent 1893 – LSch.738 (848)
25 Cent 1894 – LSch.739 (849)
25 Cent 1895 – LSch.740 (850)
25 Cent 1896 – LSch.741 (851)
25 Cent 1897 – LSch.742 (852)
25 Cent 1898 – LSch.743 (853)
25 Cent 1901 type II A– LSch.744 (854)
25 Cent 1901 Type II B – LSch.745 (854bis)
25 Cent 1902 – LSch.746 (855)
25 Cent 1903 – LSch.747 (856)
25 Cent 1904 – LSch.748 (857)
25 Cent 1905 – LSch.749 (858)
25 Cent 1906 – LSch.750 (859)
25 Cent 1910 – LSch.751 (860)
25 Cent 1911 – LSch.752 (861)
25 Cent 1912 – LSch.753 (862)
25 Cent 1913 – LSch.754 (863)
25 Cent 1914 – LSch.755 (864)
25 Cent 1915 – LSch.756 (865)
25 Cent 1916 – LSch.757 (866)
25 Cent 1917 – LSch.758 (867)
25 Cent 1918 – LSch.759 (868)
25 Cent 1919 – LSch.760 (869)
25 Cent 1925 – LSch.761 (870)
25 Cent 1926 – LSch.762 (871)
25 Cent 1928 – LSch.763 (872)
25 Cent 1939 – LSch.764 (873)
25 Cent 1940 – LSch.765 (874)
25 Cent 1941 – LSch.766 (875)
25 Cent 1943Pe– LSch.767 (1056a)
25 Cent 1944Pe– LSch.768 (1057)
25 Cent 1945Pe– LSch.769 (1058)
25 Cent 1941Pp– LSch.770 (1280)
25 Cent 1943Pp– LSch.771 (1281)
25 Cent 1941 zink– LSch.772 (1028)
25 Cent 1942 zink– LSch.773 (1029)
25 Cent 1943 zink– LSch.774 (1030)
25 Cent 1948 – LSch.775 (1074)
10 Cent

Bataafse Republiek

Lodewijk Napoleon

Napoleon I

Koning Willem I

Koning Willem II

Koning Willem III

Koningin Wilhelmina

Concordance

Historische overzichten

Wetten en besluiten

Munttekens en Muntmeestertekens

Ontstaan van het Handboek

Gebruikte termen en symbolen

Informatie over nummering

25 Cent, algemene omschrijving
Zilvergehalte 640/1000; netto/bruto gewicht 2.288 / 3.575 g.

Type I: Hangend haar. Medailleur W.J. Schammer. Mt. mercuriusstaf, Mmt. hellebaard

Type II A: Kroningstype. Medailleur J.P.M. Menger. Mt. mercuriusstaf, Mmt. hellebaard

Type II B: Kroningstype. Medailleur J.C. Wienecke. Mt. mercuriusstaf, Mmt. hellebaard

Type III: Hermelijnen mantel. Medailleur J.C. Wienecke. Mt. mercuriusstaf, Mmt. zeepaard
Een interessant artikel over het ontstaan van de beeldenaar met de Hermelijnen mantel kunt u lezen in het JMP 1987: Een vorstin in Hermelijn door Ir. F. Sevenhuijsen / Ir. J.A. Sevenhuijsen

Type IV A: Ouder hoofd. Medailleur J.C. Wienecke. Mt. mercuriusstaf, Mmt. zeepaard

Type IV B: Ouder hoofd. Medailleur J.C. Wienecke. Mt. mercuriusstaf, Mmt. druiventros

Type IV C: Ouder hoofd als type IV A van iets gewijzigde tekening. P(hiladelphia) en eikel in plaats van het mt. en mmt. Geslagen in Amerika tijdens de bezetting (WW II), bestemd voor gebruik in Nederland.

Type IV D: Ouder hoofd als type IV A van iets gewijzigde tekening. P(hiladelphia) en palmboom in plaats van het mt. en mmt. Geslagen in Amerika tijdens de bezetting (WW II), bestemd voor gebruik in Curaçao en Suriname.

Type V: 25 Cent zink tijdens de Duitse bezetting 1940-1945 in Nederland geslagen. Mt. mercuriusstaf, zonder Mmt.

Type VI: 25 Cent nikkel 1948. Mt. mercuriusstaf, Mmt. vis