• Munten & Penningen

Historisch overzicht

Koningin Wilhelmina 1890-1948

Het handboek van de Nederlandse munten van 1795 - 2001

Terug naar de pagina historische overzichten

Koningin Wilhelmina

Koningin Wilhelmina was enig kind uit het huwelijk van Koning Willem III en Koningin Emma, en werd op 31 augustus 1880 geboren en was dus bij de dood van haar vader in 1890 pas 10 jaar oud en dus te jong om te regeren. Koningin Emma neemt daarom als regentes tot 1898 het bewind voor haar dochter waar. Op 6 september 1898 werd Koningin Wilhelmina officieel ingehuldigd in de Nieuwe Kerk te Amsterdam

Zij huwde op 7 februari 1901 met Hendrik, Hertog van Mecklenburg–Schwerin, die als Prins der Nederlanden de eerste Prins–Gemaal werd.

Tijdens haar 50-jarige regeringsperiode maakt zij twee wereldoorlogen en de dekolonisatie van Indonesië mee. In de jaren 1940-'45 verblijft zij met het kabinet in ballingschap in Londen.

Het standvastige optreden van Wilhelmina in die tijd levert haar in binnen- en buitenland veel respect op.

Na de tweede wereldoorlog keerde zij naar Nederland terug en regeerde nog tot 6 september 1948 toen zij troonsafstand deed ten behoeve van haar oudste dochter Prinses Juliana. Zij overleed op 28 november 1962 op paleis Het Loo te Apeldoorn.

Op de munten is van het regentschap van Koningin Emma niets te bemerken. Zij zijn met titel en portret van Koningin Wilhelmina geslagen, vóór 1898 als kind met loshangend haar en vanaf 1898 met opgestoken haar en met een kroon het zogenaamde ‘kroningstype’. In 1910 werd het borstbeeld meer aan haar leeftijd aangepast en voorzien van een ‘hermelijnen mantel’ terwijl rond 1922 wederom een nieuw portret kwam, aangepast aan de stijl van die tijd. Na de oorlog zijn nog enkele munten geslagen met het jaartal 1948 met een nogmaals gewijzigd portret. In totaal zijn dus vijf verschillende typen portret gebruikt. De Luxemburgse titel op de munten kwam te vervallen, omdat deze troon bij de dood van haar vader Koning Willem III verviel aan Adolph van Nassau.

De Dukaat is, evenals dit het geval was onder Willem III, speciaal naar Nederlands Oost–Indië uitgevoerd en hoofdzakelijk op bestelling van de Javasche Bank en de Nederlandse Indische Escompto Maatschappij aangemunt.