• Munten & Penningen

½-gulden-1853-exemplaar-Coin-Investment_r.jpgLSch.503a-½ gld 1853-194.-0131_a.jpgLSch.503a-½ gld 1853-194.-0131b_r.jpg
½-gulden-1853-exemplaar-Coin-Investment_r.jpgLSch.503a-½ gld 1853-194.-0131_a.jpgLSch.503a-½ gld 1853-194.-0131b_r.jpg

½ Gld 1853 – LSch.503 (623)


Voorzijde:

Hoofd naar rechts, waaronder de naam van de graveur I. P. S. Omschrift: WILLEM III KONING DER NED. G.H.V.L.

Keerzijde:

Gekroond Nederlands wapen tussen waardeaanduiding ½G, het jaartal tussen twee punten. Onder het wapen 50 C.
Omschrift: MUNT VAN HET KONINGRYK DER NEDERLANDEN.

Variant:

LSch.503a (623a): Variant over ouder jaar 184. R2

Navigeer het tab menu voor meer informatie ↓

½ Gulden, algemene omschrijving
Zilvergehalte 945/1000; netto/bruto gewicht 4,725 / 5,000 g

mmt. zwaard

Bij het vervaardigen van de stempels voor de halve guldens Willem II zijn er moederstempels vervaardigd waarbij de laatste twee cijfers zijn verwijderd. Deze stempels werden gebruikt ter vervaardiging van moederstempels met latere jaartallen onder koning Willem III. (Zie ook: De muntslag ten tijde van Koning Willem II). Dit verklaart de varianten in de positionering van de laatste twee cijfers in de jaartallen. Bij de grotere slagaantallen zal zich dit dus vaker voordoen.

Met de vermelding ‘over ouder jaar’ wordt bedoeld dat duidelijk zichtbaar een of beiden van de laatste twee cijfers gewijzigd zijn.

Muntslag Koning WII ½ gulden copy.png

De ½ gulden zonder overslag roept bij mij vraagtekens op. Bij onderzoek aan de hand van scherpe en uit te vergroten foto's van ½ guldens 1853 blijkt elke keer onder de 5 het vermoeden van een 4 te zien. Een verklaring zou kunnen zijn dat toen koning Willem III de 's Rijks Munt zou bezoeken er in allerijl nog een stempel 1853 is vervaardigd waarbij een oude keerzijde stempel is gebruikt van Willem II. Gezien de oplage van 1711 stuks en dat de exemplaren in aanwezigheid vn de koning zijn geslagen is het zeer onwaarschijnlijk dat er meerdere stempels zijn aangemaakt. Bij de veiling van Coin Investment 2001, nr. 953 heeft zich echter een exemplaar zonder overslag voorgedaan. Dat stuk heb ik tot op heden niet microscopisch kunnen onderzoeken. Nader onderzoek zou dus wenselijk zijn.